Luister naar

‘Ik mis de kerk als beschavingsmachine, als samenbinder’

Nieuws
Tom Zwitser (39) richtte in 2013 uitgeverij De blauwe tijger op en ­vorig jaar het tijdschrift Epoque. Op boekpresentaties en in het blad verschijnen geregeld bekende christenen als priester Antoine ­Bodar en publicist Bart-Jan Spruyt. Wie is Tom Zwitser?
Maurice Hoogendoorn
zaterdag 3 augustus 2019 om 03:00
‘Je kunt van een leidcultuur uitgaan, een dominante cultuur waaraan nieuwkomers zich moeten aanpassen.’
‘Je kunt van een leidcultuur uitgaan, een dominante cultuur waaraan nieuwkomers zich moeten aanpassen.’ Duncan Wijting

Zwolle

Op een snikhete zaterdagmiddag eind juni kwamen ruim honderd mensen naar de voormalige synagoge van Gouda voor een debat met Forum voor Democratie-leider ­Thierry Baudet, conservatief publicist Bart-Jan Spruyt en predikant Henk-Jan Prosman. Deze krant deed verslag. De sprekers en de meeste aanwezigen waren het over één ding in elk geval eens: de West-Europese ­beschaving is bezig zichzelf te gronde te richten.

Die middag in Gouda draaide om de presentatie van een boek, Het opmerkelijke einde van Europa, geschreven door de conservatieve Brit Douglas Murray. De vertaling verscheen eerder dit jaar bij de nog jonge uitgeverij De blauwe tijger. Die naam zal veel Nederlanders weinig zeggen, maar in de beweging rond Forum voor Democratie, onder rechtse conservatieven, is dat anders. De blauwe tijger had de afgelopen jaren bijvoorbeeld succes met het boek Waarover men niet spreekt van de Antwerpse islam- en EU-criticus Wim van Rooy. ‘Daar zijn al meer dan tienduizend exemplaren van verkocht’, zegt Tom Zwitser. ‘Uitstekend voor een dik non-fictieboek.’

Zwitser (39) is uitgever bij De blauwe tijger. Hij heeft geen mensen in loondienst; veel werk wordt door vrijwilligers gedaan, vertelt hij in het restaurant van boekhandel Waanders in de voormalige Broerenkerk in Zwolle. ‘Ik ben begonnen met zevenhonderd euro eigen geld om de stichting op te richten en een printer aan te schaffen. Dat heb ik inmiddels wel terugverdiend.’

Onlangs noemde de Volkskrant ­Zwitser in een artikel over het netwerk van (cultuur)christenen rond Thierry Baudet. Zwitser beschouwt de politicus als een zielsverwant. ‘Ik loop nu twintig jaar mee in de conservatieve beweging. Een deel van die beweging is nogal studieachtig en boekig. Maar als Thierry ergens komt, en dat is vanaf het begin zo geweest, dan is er direct leven in de brouwerij. Het is altijd leuk met hem.’

Tom Zwitser groeide op in Groningen, in ‘een heel gewoon gezin’ met vijf kinderen. Zijn vader werkte op de universiteit in een ondersteunende functie, zijn moeder had geen betaalde baan. ‘Ze was er altijd voor ons.’ Het gezin was aangesloten bij de Vergadering van Gelovigen. Tom ging naar het gereformeerde Gomarus College.

De opvoeding van zijn ouders maakte hem weerbaar tegen het postmodernisme, zegt hij. En hij is dankbaar voor bepaalde waarden die hij meekreeg, zoals het geloof in een objectieve waarheid. ‘Het idee dat een man en een vrouw samen een gezin vormen, bijvoorbeeld. Dat staat tegenwoordig op de helling. En dat een man iets anders is dan een vrouw; die moet je niet tot tweede moeder ­degraderen. Als ik dit zeg, krijg ik het verwijt dat ik de man als macho zie, maar dat is niet zo. Een man heeft een vrouw nodig.’

Zwitser studeerde eerst aan de kunstacademie, maar na een cursus filosofie stapte hij in 2004 over naar die studie. ‘Als vierjarige dacht ik al na over hoe de wereld in elkaar zit, wat leven is. Dat er een kennisvorm bleek te bestaan die dit soort basale vragen cultiveert en systematiseert, dat was een openbaring voor me.’

In diezelfde periode bezocht hij geen kerk meer. De Vergadering van ­Gelovigen was ‘uit elkaar geklapt’ in de jaren negentig en Zwitser voelde zich er niet meer thuis.

Bracht de studie filosofie u aan het twijfelen over uw geloof?

‘Nee, helemaal niet. Ik las Augustinus, De stad van God, en Thomas van Aquino. Daardoor kon ik verschillende waarden die ik in mijn jeugd had meegekregen ineens met elkaar verbinden. Ik leerde het fundament ­eronder kennen. In dezelfde periode ben ik ook rechts geworden, al op de kunstacademie eigenlijk. Daar interesseerde ik me voor stedenbouw. De stukken die ik erover las, waren van linkse Franse sociologen. Zij lieten zien hoe de middeleeuwse stad als een heel organisch geheel werkte, met gildes en autonome wijkbesturen. Dat verbrokkelde toen de ­moderniteit erop ingreep en de macht centraliseerde.’

Ironisch genoeg werd u dus rechts door linkse sociologen?

‘Zelfs van Sartre werd ik conservatief. Er zit een ziel in. Hij lijdt aan het ­leven. Dat vond ik interessant als ­beginnertje.’

Kort na zijn afstuderen sloot Zwitser zich aan bij de Rooms-Katholieke Kerk. ‘Mijn vrouw en ik zijn op een dag de kathedraal in Groningen binnengestapt. Het voelde allemaal heel vanzelfsprekend. Ik denk dat het in mijn hoofd al aan het samenvallen was, onder andere doordat ik Augustinus en Van Aquino had gelezen. Als je De stad van God hebt gelezen, kun je niet niet-katholiek blijven.’

Diverse conservatieve vrienden van hem maakten dezelfde overstap, en samen met hen schreef hij artikelen voor achtereenvolgens Open Orthodoxie, Bitter Lemon en Catholica. Dat laatste tijdschrift ging in 2011 over de kop toen bleek dat Zwitser en Erik van Goor, hoofdredacteur van Catholica, op de mailinglist stonden van de Noorse terrorist Anders Breivik en diens 1500 pagina’s tellende manifest hadden ontvangen.

Wat deed het met u dat u met een terrorist in verband werd gebracht?

‘Ik kénde Breivik niet eens. Je bent dertig of zo en je krijgt een shitstorm over je heen. Ik was er nog vrij laconiek onder. Ik heb op tv bij Andries Knevel mijn verhaal gedaan, maar verder ben ik nergens op ingegaan. Ik had geen enkele media-ervaring en een aantal journalisten was absoluut niet objectief. Op EenVandaag kwam een korte documentaire over ons met een dreigend muziekje eronder, het was duidelijk dat ze ons de nek om wilden draaien. Wij moesten nooit meer ergens aan de bak kunnen komen. Ik werd dreigend benaderd dat ik ook voor de camera moest. Bizar, vond ik. Moest ik meewerken aan mijn eigen kruisiging?’

Deed de commotie iets met uw ­opvattingen? Hebt u een moment gedacht: misschien ben ik te ver ­gegaan in mijn artikelen?

‘Ik was een jonge hond, onze stukjes waren stevig, hard, scherp, polemisch. Maar als je het vergelijkt met de polemisten uit de jaren zeventig, tachtig, dat was snoeihard. Onze ­teksten waren in elk geval uniek. De rest was zo glad­gestreken allemaal. Ik hou van polemiek.’

U maakt nu deel uit van een conservatieve beweging rond Forum voor Democratie. Waarom zouden ­christenen zich daarbij moeten ­aansluiten volgens u? Wat staat er op het spel?

‘Pim Fortuyn sprak ook al christenen aan, maar dat had de christelijke voorhoede destijds niet door. In elk geval: je wilt het beste voor je land, voor je kinderen. Dus tenzij je een sadomasochist bent ...’

Maar dat willen de andere politici net zo goed, het beste voor hun land en hun kinderen.

‘Ik heb niet het idee dat GroenLinks of D66 ook maar iets geven om het lot van Nederland. Er wordt een realiteit opgetuigd … Miljarden worden uit­gegeven aan windmolens op zee, in plaats van gas uit Rusland te halen. In Groningen worden twee of drie dorpen herbouwd, als een soort ­potemkin-dorpen, om iedereen te overtuigen dat er iets wordt gedaan. Maar buiten die drie dorpen krijgt niemand wat, terwijl heel Groningen schade heeft.

Als je wilt weten wat er mis is met dit land, praat eens met kleine ondernemers. De middenklasse wordt uitgevaagd, terwijl die het cement is van een samenleving. Zonder middenklasse geen vitale economie, geen gezinsleven, geen geloof.

Ik ben opgegroeid in een eenverdienersgezin. Dat kon toen nog. Paars heeft vrouwen de markt opgejaagd en twee­verdienersgezinnen gestimuleerd, met als gevolg dat gezinnen meer verdienden en de huizenprijzen stegen. Je kunt nu alleen nog een huis kopen als je allebei werkt. Veel mensen hebben niet meer de regie over hun leven, ze zijn uit hun natuurlijke positie gezet. Het systeem regelt alles wel en bepaalt wat je ­allemaal mag en niet mag.’

Dat klinkt wel erg slachtofferig. Er is nog altijd veel vrijheid in Nederland.

‘Ik vind dat zeker geen slachtoffer­gedrag. Neem de hetze tegen anti-vaxxers, ouders die weigeren hun kinderen te laten inenten. Ik ken zelfs vrijgemaakten die daar huiverig van worden. Als de vaccinatiegraad nog één graad daalt, gaan we iedereen verplicht inenten, hoor je politici zeggen. Pure dwang allemaal.’

Vindt u het wel terecht om het christelijk geloof te betrekken bij deze conservatieve beweging? Geloven in Christus kun je niet zomaar gelijkschakelen aan het koesteren van een bepaalde cultuur, of inzetten om migranten buiten de deur te ­houden, toch?

‘Jezus is geen knuffelmessias. Hij ­gebruikte een zweep.’

Je kunt ook heel andere bijbel­teksten kiezen.

‘Praat eens met de vissers op Urk en in Volendam. Dat is een heel ander christendom. Maar het is wel christendom. Veel protestanten kijken ­tegenwoordig met een moderne blik naar de geschiedenis, met een afkeer van geweld. Elke druppel bloed wordt veroordeeld. Maar dat doen ze achter hun spaanplaatbureau. Dat is allemaal leuk, maar vroeger hadden we een wereld van vlees en bloed.’

Waar komt dit soort groteske, agressieve taal vandaan? Wilt u een kerk die macht uitoefent en de zweep hanteert?

‘Ik mis de kerk als beschavings­machine. Om de verweking van de beschaving tegen te gaan, het uit­eenvallen van een samenhangend geheel. Thomas van Aquino schrijft dat het gezin de basis van de staat vormt. Man en vrouw planten zich voort, het natuurlijk gezag van de ouders, dat is waar autoriteit vandaan komt. De staat is daar slechts een afgeleide van, geen summum of zo.’

Hebt u wel respect voor de demo­cratie, en voor godsdienstvrijheid bijvoorbeeld, ook voor moslims? Als je zelf bepaalde rechten wilt, moet je die een ander ook gunnen.

‘Dat hoeft niet zo te zijn. Je kunt van een leidcultuur uitgaan, een dominante cultuur waaraan nieuwkomers zich moeten aanpassen. Joden kregen vroeger in Nederland ook pas dezelfde rechten als christenen toen ze ­bepaalde dingen hadden veranderd; polygamie werd hun bijvoorbeeld verboden.’

Wat denkt u van een christelijke waarde als gastvrijheid?

‘Je kunt niet oneindig gastvrij zijn als land. Neem jouw of mijn huis als voorbeeld. Wij hebben gemiddeld twee nachten per week gasten in ons huis. Dat is meer dan gemiddeld, denk ik. Maar dat is ook wel het maximale zo ongeveer. Ons huis zou met zeven permanente gasten erbij niet meer leefbaar zijn voor ons ­gezin.’

Bent u bang voor de toekomst?

‘Nee, maar ik zie wel veel de ­verkeerde kant opgaan. Idealisten willen iets veranderen, waarom zou ik dat niet mogen? In het gros van de gevallen wil ik trouwens liever iets behouden. Dat zijn ook de dingen die ik aan mijn kinderen doorgeef. Wat ik wil veranderen vecht ik wel uit in de ­publieke arena.’ <

Mail de redactie
Mail de redactie
Heeft u een tip over dit onderwerp, ziet u een spelfout of feitelijke onjuistheid? We stellen het zeer op prijs als u ons daarover een bericht stuurt.