Sluiten

Nederlands Dagblad

Dossier: Zondagsrust - Opinie

De zondag mag zich de laatste tijd verheugen in de bijzondere aandacht van de Tweede Kamer. Na een poging de openstelling van winkels op zondag te verruimen, kwam D66 met het voorstel de hele Zondagswet, als verouderd ornament, terzijde te schuiven.

Dinsdag stemt de Eerste Kamer over een beperking van het aantal 'toeristische' koopzondagen. Het aantreden van het kabinet Rutte-Verhagen lijkt de Eerste Kamer te politiseren.

Zijn er over vijf jaar in de grotere steden nog winkelgebieden waar het op zondag helemaal stil is? Of ziet het er dan overal uit als op een vroege zaterdagmorgen: weinig shoppende mensen, maar de winkels wel open?

MKB-Nederland is niet per se voor meer koopzondagen, maar vindt dat gemeenten in nauwe samenspraak met de winkeliers tot een keuze moeten komen; desgewenst variërend van nul tot alle zondagen open. Nu staan de ondernemers in de besluitvorming sowieso buiten spel.

Om winkeliers te steunen die op zondag niet open willen zijn, moeten christenen juist bij hen inkopen doen. Winkels die op zondag wel open zijn, mogen zij links laten liggen ook op doordeweekse dagen.

Hoe gaat het in Nederland als er voor bepaalde afspraken in de wet eigenlijk geen draagvlak meer is onder de bevolking? Rechters zoeken in dat geval binnen de hun toegestane marges vaak naar draagvlak voor hun vonnis, door een afweging van belangen.

Vroeger bracht men op tweede paas- en pinksterdag een bezoek aan de meubelboulevard, zoals Alexandrium. Nu is de zondag daarvoor in de plaats gekomen.

Koopzondagen. Je kunt er voor of tegen zijn, maar het blijkt onzin een beperking ervan te bestrijden met een beroep op de werkgelegenheid. Of met de opmerking dat winkels juist tijdens de recessie de omzet op koopzondagen nodig hebben.

Het Centraal Planbureau onderzoekt wat het gevolg is voor de werkgelegenheid wanneer winkels hun deuren op zondag minder vaak mogen opendoen. Het onderzoek is niets anders dan een vertragingstactiek van de voorstanders van winkelen op zondag.

Onder het motto 'Houd de ChristenUnie scherp' beoordeelt de jongerenorganisatie van de CU wat de partij uit het twee jaar oude coalitieakkoord heeft verzilverd. Over de koopzondagen zijn de jongeren teleurgesteld: te weinig ambitie en de gemaakte afspraken worden niet nagekomen.

De PvdA werkt er in Apeldoorn aan mee om uitbreiding van openstelling op zondag onmogelijk te maken. Dit gebeurt niet alleen vanwege coalitieverplichtingen.

Christenen die een rem willen op het aantal koopzondagen, zijn de krabpaal van de samenleving. Lees columnist Jan Blokker, kijk rond op GeenStijl.nl en snuif de lucht op als parlementariërs van de VVD, PVV en D66 de aanval zoeken.

De Tweede Kamer debatteerde woensdag over de gevolgen van een mogelijke beperking van het aantal koopzondagen. Oud-FNV-voorzitter Lodewijk de Waal stelt dat de wens van grote bedrijven om zondags open te gaan, de kleine ondernemer geen andere keus laat dat ook te doen.

Stopzondagsluiting.nl is een opmerkelijk verbond. De VVD, de Consumentenbond, de Vereniging Nederlandse Gemeenten en ondernemers van de Raad Nederlandse Detailhandel en Midden- en Kleinbedrijf Nederland willen samen het 'koopzondagenvoorstel' van het kabinet tackelen.

Christenen hebben geen behoefte aan koopzondagen. De zondag heeft een eigen karakter, maar er zijn meer aspecten die een rol spelen.

In het artikel ‘Kerkelijk meelevend’ (Nederlands Dagblad 10 maart) van dr. G. van den Brink lezen we dat zijn zussen ’s zondags wel mochten breien, maar dat zij dat ’s maandags weer moesten ontrafelen.

Wat heeft Barcelona wat Almere niet heeft? Wie wil in Almere zo graag die koopzondagen behouden, terwijl de middenstand daar geen behoefte aan heeft?

Het wetsvoorstel om iets te doen aan de koopzondagen heeft slechts geleid tot het aanpassen van de procedures en het achterover leunen van de minister.

Met belangstelling heb ik het interview met minister Van der Hoeven gelezen in het Nederlands Dagblad van afgelopen zaterdag. Alleen, het laatste stukje van dit interview, als zij antwoord geeft op de vraag of zij zelf op zondag winkelt: ‘Zeker weten’ is toch een uitermate onverstandige reactie van haar.

We waren uitgenodigd om tijdens onze vakantie een weekend te logeren bij een eigenlijk onbekende neef in Oostenrijk. We werden hartelijk ontvangen, de maaltijd stond al op tafel. De kinderen voelden zich gelijk thuis en ontfermden zich over de hond.

Dat de heer Cordia een hoofdartikel (Nederlands Dagblad, 17 juli) wijdt aan de kwestie van de 'afgewezen sluiswachter' (het zou zomaar kunnen klinken als een gelijkenis), zegt iets over de actualiteit van de kwestie, vooral voor christenen, want waar gaat het heen?

Een werkgever mag in beginsel een sollicitant niet de deur wijzen, als deze om godsdienstige redenen geen zondagsarbeid wil verrichten. De Algemene wet gelijke behandeling (AWGB) is daar duidelijk over. Voor de overheid geldt dat des te nadrukkelijker.

Naar aanleiding van het artikel 'Sluiswachter wil geen zondagsdienst doen' (ZoZ, 17 juni) zou ik willen zeggen: waren er maar meer van deze trouwe mensen.

Gereformeerden in de zeventiende eeuw mochten op zondag graan oogsten als het vochtig en regenachtig was. Strengere handhaving van de zondagsrust dateert uit de negentiende eeuw.

Twee predikanten, ds. P.H. van der Laan en ds. M. van Veelen, hebben kritisch gereageerd op het rapport Zondag - HEERlijke dag van de vrijgemaakt-gereformeerde 'Deputaten Vierde gebod en de zondag' (resp. Nederlands Dagblad 4 maart en 10 maart).

De zondagsheiliging is een van de grote zorgen van 'bezwaarde' vrijgemaakten. Voor de synode die deze week begint, schreef een deputaatschap een rapport, dat volgens Peter van der Laan (Het Katern 5 maart) veel te kort door de bocht schiet. Oud-synodelid M. van Veelen is het daar hartelijk mee eens. 'Gelukkig vergissen deputaten zich.'

De aanslepende discussie over de zondag binnen de vrijgemaakt-gereformeerde kerken kan leiden tot een leeruitspraak op de aanstaande generale synode. De kerken komen daarmee in de verleiding interne onenigheid te bezweren ten koste van hun confessioneel uitgangspunt.