Sluiten

Nederlands Dagblad

Dossier: Homoseksualiteit - Opinie

Verhalen over homoseksuelen die kiezen voor een heteroseksuele relatie roepen de vraag op of je wel echt over een huwelijk kunt spreken, zoals God dat bedoeld heeft.

Graag wil ik, als homofiele man, die ook getrouwd is geweest, reageren op de kwestie-Renkema. Het was een emotionele periode voor mij en mijn gezin.

Meestal komt de klap hard aan: mijn kind is homo. Henrieke Remmink deed onderzoek onder 150 ouderparen naar de coming-out van hun kind.

Ze zijn er nog, christenhomo's die niet in een homoseksuele relatie leven. Bewust, wel te verstaan. Zij kiezen ervoor om alleen te blijven. Hoeveel het er zijn weet niemand. Helaas bestaat er weinig onderzoek op dit punt.

In een interview met de Gaykrant zegt minister Marja van Bijsterveldt - verantwoordelijk voor emancipatie - dat ze geen einde wil maken aan de situatie dat er ambtenaren zijn die geen homostellen willen trouwen. Moet een ambtenaar niet gewoon de wet uitvoeren?

Het onderzoek van Henrieke Remmink (ND 26 maart) lijkt aan te geven dat bij veel ouders in orthodox-christelijke kring een relatie in liefde en trouw voor homoseksuelen, en een zegen daarover, niet langer taboe is. Er zijn echter bij de stellingen en de interpretatie van de reacties nogal wat vragen te stellen.

Wat heeft een decennium homohuwelijk Nederland gebracht? Allereerst onverschilligheid en hypocrisie.

We moeten in de PKN namens God geen homoseksuele/lesbische relatie zegenen. Wel moeten we van harte bereid zijn om met en voor homoseksuele partners te bidden om Gods zegen, kracht en leiding. Maar dat is niet hetzelfde als in zijn naam hun relatie zegenen en daarmee goedkeuren.

Volgende week zaterdag houden christelijke homo-organisaties een themadag die het gesprek over homoseksualiteit en christen-zijn verder moet brengen dan de gedachte ‘jij leest de Bijbel verkeerd’.

De Landelijke Vergadering (LV) van de Nederlands Gereformeerde Kerken behandelt de discussie over homoseksualiteit achter gesloten deuren. Aan dat besluit ligt angst ten grondslag. Helaas.

Het regeerakkoord bevat een stevige passage over de onderwijsvrijheid. ,,Aan de vrijheid van onderwijs, zoals gegarandeerd door artikel 23 Grondwet, wordt niet getornd.''

Ik ben een jongere van rond de twintig met homoseksuele gevoelens. Aan de hand van de vrijplaats van Jochem Pleijsier (Nederlands Dagblad 8 juli) wil ik hier graag iets over zeggen.

Overvraag je de Bijbel als je teksten vandaag toepast op homoseksualiteit, zoals ds. Henk de Jong stelt? Jochem Pleijsier vindt van niet.

In het Nederlands Dagblad van 26 juni bekritiseert Henk van Rhee het SCP-rapport naar de acceptatie van homoseksualiteit. Maar veel reden om tevreden te zijn over wat bij christelijke homojongeren gebeurt, heeft hij volgens een onderzoeker niet.

De ChristenUnie zou veel meer zetels kunnen bemachtigen als zij homoseksuelen binnen de partij eenzelfde positie geeft als andere leden, beweert Sander Chan. Hij is homoseksueel en trad in 2008 terug uit het CU-bestuur van Amsterdam uit protest tegen het homostandpunt van zijn partij.

Menig orthodox christen voelt zich ten aanzien van het thema homoseksualiteit de laatste jaren in een spagaat gedrongen.

Waarom homo's (als groep) beter zijn dan christenen (als groep). Zo luidt de prikkelende titel van een kort hoofdstuk in een net verschenen boek van de Amerikaanse theoloog Stanley Hauerwas.

De kerk mag zich van de homobeweging niet bemoeien met wat homo's wel of niet mogen. Maar de homobeweging heeft er blijkbaar geen moeite mee zich te bemoeien met wat er in de kerk gebeurt.

De lessen op gereformeerde middelbare scholen over homoseksualiteit kunnen beter niet gegeven worden door Contrario, omdat de meeste leden van deze vereniging een homoseksuele relatie een optie vinden.

Vandaag wordt op een open dag van de gereformeerde homovereniging ContrariO een lesmethode over homoseksualiteit voor het gereformeerd onderwijs aangeboden aan minister Plasterk.

Het kabinet wil het enkele feit dat iemand homoseksueel is niet langer maatgevend laten zijn bij een oordeel over discriminatie, bijvoorbeeld als een school deze persoon weigert. Maar hoe het nu wel moet, blijft onduidelijk.

De Gay Pride in Amsterdam werkt beeldbevestigend als het om homo's gaat. Maar voelen hetero's zich ook aangesproken als wordt gemeld dat de Beekse Bergen halfnaakte bezoekers weert?

In onderstaand verhaal vertelt Corrieke van der Kruk hoe ze altijd had gedacht geen relatie aan te durven met een man. Hoe ze ontdekte dat ze lesbisch was. Maar ook hoe er een grote verandering in haar leven kwam.

'Zou het nog lang duren voordat homoseksuele relaties in orthodox-christelijke kring aanvaard zijn?' vraagt Ad de Bruijne zich af in de krant van 11 juni.

Voor homo's is er een andere weg dan het aangaan van een (seksuele) relatie. Wie uit het isolement komt en door een proces van verwerking heen gaat, kan komen tot meer ruimte en innerlijke vrijheid.

Een kerk die de ambten openstelt voor praktiserende homo's, verwijdert zich van de christelijke traditie en riskeert een kerkelijke breuk.

Het COC acht de emancipatie van homoseksuelen niet voltooid, zolang er nog mensen zijn die vanuit godsdienstige overwegingen de keuze voor een homoseksuele leefstijl verwerpen. Daarom richt de organisatie haar pijlen al enige tijd op religieuze minderheden, in het bijzonder op moslims en orthodoxe christenen.

Hij staat er niet om bekend, justitieminister Hirsch Ballin, dat hij een onzuivere juridische redenering voor lief neemt om zichzelf te redden in een debat.

Wat we in elk geval moeten vaststellen ten aanzien van de commotie rond de onderwijzer aan een christelijke school in Emst die een homoseksuele relatie is aangegaan, is dat het over alles gaat, behalve over wat de betrokkene zelf vindt.

Minister Plasterk zei afgelopen zaterdag in het Nederlands Dagblad dat hij in zijn brief aan de scholen duidelijk heeft willen maken dat ze afwijzing van homoseksualiteit in hun grondslag mogen opnemen, maar niet van een leraar mogen vragen dit te ondertekenen. ChristenUnie-senator Flora Lagerwerf is het niet met hem eens.

Minister Plasterk zei afgelopen zaterdag in deze krant dat hij in zijn brief aan de scholen duidelijk heeft willen maken dat ze afwijzing van homoseksualiteit in hun grondslag mogen opnemen, maar niet van een leraar mogen vragen dit te ondertekenen. Dr. H. Post en prof. A.Th. van Deursen stellen dat de minister plompverloren aan andere grondrechten voorbijgaat.

Minister Plasterk stuurde vorige week een brief naar het bijzonder onderwijs dat het een homodocent zonder meer moet accepteren. Hij lijkt daarmee heel liberaal te zijn, maar zijn opstelling is heel onliberaal.

Wat zijn de heikele kwesties in het christendom? En met welke argumenten kunnen christenen het geloof verdedigen. Onder de titel 'Hete Hangijzers' publiceert het Nederlands Dagblad een serie van 16 apologetische lezingen die door een aantal Delftse kerken wordt georganiseerd. Gisteravond sprak Herman van Wijngaarden over homoseksualiteit.

Prof. Ad de Bruijne heeft aangegeven geen bezwaar te zien als een christen als ambtenaar een zogenaamd homohuwelijk sluit. Dr. Henk Post gaat nog verder. Het gevaar is dat ze zich hiermee scharen in het kamp van de Commissie Gelijke Behandeling (CGB), wat uitmondt in beroepsuitsluiting.

Bij de vraag of een ambtenaar van de burgerlijke stand mag weigeren een homohuwelijk te sluiten, zegt SGP'er Kees van der Staaij ( Nederlands Dagblad 18 februari) dat hij zich er op Bijbelse gronden niet bij neer kan en mag leggen. Bij dr. Henk Post stuiten zijn juridische bezwaren echter op weerstand.

Gewetensbezwaarde ambtenaren kunnen gewoon een homohuwelijk sluiten. ,,De ethische keuze die je afkeurt, komt voor rekening van betrokkenen'', stelt Ad de Bruijne ( Nederlands Dagblad 14 februari). Christencaissières rekenen toch ook Playboys af? Tweede Kamerlid Cees van der Staaij (SGP) vindt dat De Bruijne het Bijbels verzet tegen het homohuwelijk ondermijnt.

Wie betaalt, bepaalt, zegt het spreekwoord. Heeft RefoAnders, een organisatie die in reformatorische kring homoseksualiteit beter bespreekbaar wil maken, er dus onverstandig aan gedaan een subsidie van minister Plasterk aan te nemen? Algemeen-secretaris Piet Vergunst van de Gereformeerde Bond vindt dat. Heel onverstandig zelfs. Want de minister wil de acceptatie van homoseksualiteit bevorderen en via subsidie koopt hij invloed, denkt Vergunst.

Er moet een constructieve dialoog op gang komen tussen de ChristenUnie en gelovige homo's. Bestuur en Kamerfractie moeten daartoe de regie hernemen in plaats van te verwijzen naar lokale afdelingen.

De dichter Gerrit Komrij beschrijft deze week in een buitengewoon lezenswaardige, filerende bijdrage in De Groene, hoe homoseksualiteit in Nederland van een elitaire subcultuur van culturele tegendraadsheid verworden is tot een gekoesterd segment van de burgerlijke 'bovenwereld'. Komrij, zelf homoseksueel, is er niet blij mee.

Wil minister Plasterk, als deelnemer aan de gay parade, reformatorische scholen de les te lezen met zijn homobeleid? (Nederlands Dagblad van 3 september)

Wat die jaarlijkse Gay Pride betreft: als christen ben ik ook tegen discriminatie van homo’s, waar ook ter wereld. Maar al die opgeklopte mediaophef smaakt toch wel wat wrang.

Het zal niemand ontgaan zijn dat Amsterdam zaterdag de dertiende editie van de veelbekeken botenparade van de 'Gay Pride' beleefde. Dat evenement is in de loop der jaren uitgegroeid tot een toetssteen van homo-emancipatie.

In het artikel ‘Refoscholen zetten homo-leerling op zorglijstje’ van woensdag 2 juli wordt de indruk gewekt dat de hulpverlening van Different in zou zetten op verandering van seksuele geaardheid.

De vrijgemaakt-gereformeerde synode van Zwolle-Zuid heeft in een appèlzaak uitgesproken dat een kerkenraad het samenwonen van homofiele broeders en zusters die een affectieve relatie met elkaar hebben onder de belofte van seksuele onthouding, dient af te wijzen. In onderstaand artikel wordt betoogd dat deze broeders en zusters juist voortdurende voorbede en support nodig hebben van hun medegelovigen om hun belofte te houden.

Door de uitspraak van de synode van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) dat ook homo’s die seksuele onthouding beloven niet met elkaar mogen samenwonen, komen alle samenwonende vrienden van hetzelfde geslacht onder verdenking te staan.

De vrijgemaakte synode mag dan een uitspraak over samenwonende homo's hebben gedaan, ondertussen dreigen leer en leven steeds meer uit elkaar te groeien.

De kwestie van de homoseksuele leefwijze is een moeilijk onderwerp. Er is een duidelijk verschil in behandeling van dit onderwerp in de tijd voor en na ongeveer 1960. Ook ik schreef er anders over dan een vorige generatie. Dat kan bij voorbeeld duidelijk worden uit mijn publicatie Hoe gaan wij verder? , waarin ik een advies afdruk dat in 2001 ik, samen met enkele theologen uit de Christelijke Gereformeerde Kerken, heb opgesteld in een geval van twee samenlevende lesbiennes. Het ging erom voor hen een weg te vinden binnen de kerkelijke gemeenschap.

‘Ultra-orthodoxe uitspattingen’ verwijt Taco Ruighaver, directeur van het filmfestival van Amnesty International, het Nederlands Dagblad. Koert van Bekkum (adjunct-hoofdredacteur) en Hugo de Bruijne (chef bijlagenredactie) geven weerwoord.

Alles rond de Gay Pride staat in het teken van de trots op homoseksualiteit. Daarom heeft een christen er niets te zoeken, ook niet als Gay Pride in het teken van religie staat.

Met respect heb ik gelezen, hetgeen mevrouw Yvette Lont tijdens een spreekbeurt in Leeuwarden heeft gezegd (Nederlands Dagblad, 18 maart).

Geheel onverwachts heeft COC-voorzitter Frank van Dalen zijn vertrek aangekondigd. Naar eigen zeggen heeft hij zijn missie volbracht. Voor zover het daarbij gaat om het terugbrengen van de homobelangenorganisatie in een leidende maatschappelijke positie, heeft hij zonder twijfel recht van spreken.

De opvatting dat de Bijbel het gezaghebbende Woord van God is voor de samenleving lijkt in het defensief te komen. Dit blijkt onder meer in de discussie of homoseksuelen de ChristenUnie wel of niet op geloofwaardige wijze kunnen vertegenwoordigen. Zodoende is er ook een gedragscode nodig. Maar dat is dan wel een armoedekwestie.

In het Nederlands Dagblad van 29 februari schrijft Philip van den Berg een artikel over een ‘fluwelen revolutie in de ChristenUnie’. Het artikel gaat over de vraag of er in de partij ruimte is voor bestuurders en politici die homoseksueel zijn. Ik reageer daarop niet inhoudelijk.

Het had iets technisch en cleans en juist daardoor ook iets beklemmends, het debat gistermiddag in de onderwijscommissie van Tweede Kamer over de kabinetsnota 'Gewoon homo zijn'. Voor de grootst mogelijke Kamermeerderheid is het een uitgemaakte zaak: homoseksualiteit is even gewoon als heteroseksualiteit. Ook voor de regering, naar minister Plasterk verklaarde.

Homoseksualiteit ligt gevoelig in de ChristenUnie en daarom beraadslaagt de commissie-Cnossen nu over een gedragscode voor bestuurders en politici van de ChristenUnie. Maar eigenlijk liggen de conclusie en het advies van de commissie-Cnossen al vast, meent Philip van den Berg, evangelisch christen en lid van de CU.

Het soort mij als lid van de ChristenUnie uitermate dat opnieuw een van onze mensen, in dit geval staatssecretaris Tineke Huizinga in het maandblad Opzij, heeft laat weten (‘als een van de meerderheid in de ChristenUnie’) dat zij er geen moeite mee heeft als homo’s bestuursfuncties vervullen binnen haar partij (Nederlands Dagblad 31 januari).

Wat ik las in de krant van 13 december (‘Dan nog dit’) over Bert Loonstra en diens boek Hij heeft een vriend bepaalde mij opnieuw bij de homofiele medemens en datgene wat recent door velen reeds is verwoord, vooral na de stellingname van Yvette Lont. Wat echter bij zeer weinige artikelen nu aandacht kreeg, was bidden.

In het Nederlands Dagblad van 1 december stond een artikel van Jochem Pleysier onder de kop ‘Homogevoelens zijn niet van graniet’. Er was kritiek op ContrariO.

Het kabinet wil de bestaande adoptieprocedure voor lesbische paren vereenvoudigen. Dat voorstel is inmiddels door de Tweede Kamer aanvaard en wacht in de Eerste Kamer op behandeling. Volgens Peter Kerstholt is het een stap op een verkeerde weg.

Anders dan Jochem Pleysier beweert, is het gereformeerde homoplatform ContrariO geen gesprekspartner in de marge. En hij gaat te gemakkelijk voorbij aan het feit dat mensen na een worsteling van jaren tot de erkenning én acceptatie van hun homoseksuele identiteit zijn gekomen.

In het Nederlands Dagblad van 29 november stond het bericht ‘Handleiding PKN voor beraad over het homohuwelijk’.

Naar de genetische bepaaldheid van homoseksuele gevoelens zou breder wetenschappelijk onderzoek moeten plaatsvinden dan via de deterministische neurobiologie van de school van Dick Swaab, die als spreker was uitgenodigd op een bijeenkomst van Contrario. Er zijn onderzoekers en therapeuten die tot andere conclusies komen.

Geen praktiserende homo's in bestuurlijke functies, maar wel gescheiden bestuurders of personen die seks hebben buiten of voor het huwelijk? Als we een christelijke seksuele moraal willen toepassen op bestuurders dan zal dit breed moeten gebeuren.

Zonder stemming ging het Uniecongres van de ChristenUnie zaterdag akkoord met de instelling van een 'Commissie Representatie'. De achterban van de kleinste coalitiepartner gaf zo gehoor aan de ,,vurige'' wens van politiek leider André Rouvoet om geen 'terugblikdebat' te houden op, wat is gaan heten, de kwestie-Lont.

Een christen zal zich door het Bijbelse spreken over homoseksualiteit willen laten gezeggen, in de overtuiging dat Gods geboden goed zijn. Maar juist daarom is het ook uit den boze om homoseksuelen in de samenleving te discrimineren en te vervolgen, zoals dat de eeuwen door is gebeurd.

De ChristenUnie moet duidelijkheid verschaffen in het homodebat. Volgens drs. C. Blenk zal ze de homolobby niet kunnen overtuigen, maar mag ze op begrip rekenen bij haar coalitiepartners.

Volgens de ChristenUnie is het huwelijk een verbintenis tussen één man en één vrouw. Henk Geertsema betoogt dat het ook met dat standpunt belangrijk is onderscheid te maken tussen relaties.

Ik voel me verward. Ik dacht dat het duidelijk was… De kern van het probleem is dat het niet meer duidelijk is. Dat is dan duidelijk.

Met instemming nam ik kennis van het artikel van dr. J. Douma in het Nederlands Dagblad van zaterdag 10 november jl., die de zienswijze van dr. K. Veling terecht niet deelt en die onder meer opmerkt, dat de ChristenUnie in een ernstige crisis verkeert, wanneer zij op het aangesneden punt geen helderheid verschaft.

De discussie binnen de ChristenUnie laat zien dat er geen eenduidige Bijbelse visie op homoseksualiteit bestaat. Laat de kwestie een begin zijn om ook eens serieus naar een christenhomo te luisteren.

Binnen de ChristenUnie bestaat geen kloof tussen gereformeerden en evangelischen. Wel tekent zich volgens J. Oosterman af dat onder gereformeerden een ander gezag wordt toegekend aan Gods Woord in het publieke leven.

Johan Quist, voorzitter van Refo-anders, schrijft in het Nederlands Dagblad van 12 november onder meer: ,,In de homodiscussie is het als hetero gemakkelijk oordelen over een ander die homogevoelens heeft: niet praktiseren. Punt. En ’s avonds kruipen we het bed in en ervaren we de geborgenheid en de intimiteit van het huwelijk.”

De bijdragen in het debat over de ChristenUnie en homoseksualiteit gaan bijna steeds uit van een zeer statisch Godsbeeld. De God die wij in de christelijke politiek geacht worden te vertegenwoordigen, lijkt wel in één brok uit steen gehouwen. Je kunt met Hem maar één kant op, de goede. En dat betekent dan een kruistocht tegen de zonde in de wereld. maar de Drieënige God is een bewegend en bewogen God.

‘De top van de ChristenUnie heeft een interessante vrijzinnige move gemaakt’, aldus een opmerking van D66-Kamerlid Boris van der Ham over de ingetrokken motie van Yvette Lont en het aftreden van een vrouwelijk raadslid te Wageningen in verband met het aangaan van een lesbische relatie.

De simpele verklaring dat de homoseksuele praxis niet is goed te keuren, is een schijnverklaring die een homo geen duidelijkheid geeft. Zij sust slechts het geweten van mensen die deze gevoelens niet persoonlijk ondervinden.

De ChristenUnie is een politieke partij die op haar programma mag worden aangesproken. In dat programma (2006) staat o.a. dat het huwelijk een verbintenis is tussen één man en één vrouw, terwijl andere samenlevingsvormen niet aan het huwelijk gelijkgesteld kunnen worden.

Opnieuw is er beroering binnen de ChristenUnie over homoseksualiteit. Het Amsterdamse deelraadslid Yvette Lont wil de partij dwingen tot een uitspraak over de vraag of mensen die een homoseksuele relatie onderhouden, de partij politiek mogen vertegenwoordigen.

Maken (bepaalde) gelovigen zich met hun afwijzing van de homoseksuele leefstijl schuldig aan discriminatie? Voordat ik probeer die vraag te beantwoorden, denk ik dat u er recht op hebt dat ik mijn persoonlijke visie op dit punt inbreng.

Kruisdragen. Dat woord bleef me bij nadat ik het artikel ‘SGP: praat op school open over homofilie’ (Nederlands Dagblad 15 september) had gelezen. In dit artikel pleiten Bas van der Vlies (SGP) en Arie Slob (ChristenUnie) er terecht voor vanuit de eigen christelijke identiteit het onderwerp homoseksualiteit op scholen bespreekbaar te maken.

De oproep van SGP-fractieleider Bas van der Vlies aan het reformatorisch en gereformeerd onderwijs om ,,zelf te beginnen met het bespreekbaar maken van homoseksualiteit'', is al ingehaald door de praktijk. Twee onderwijsdeskundigen pleiten voor de vrijheid van het reformatorisch onderwijs om op dit thema een eigen koers te varen.

Wie deelneemt aan een publieke discussie over homofiele mensen, gelieve te letten op het effect van zijn woorden op deze groep.

Dat een homoseksuele relatie tegen Gods wet ingaat, is voor velen duidelijk. Maar als andere geboden van God worden overtreden, worden ineens andere criteria aangelegd.

Hebben Yvette Lont en Kees Neven de intenties van dr. Hoek in het debat over homoseksualiteit begrepen of niet? Volgens Kees van der Ziel bestaat er, ook na de reactie van Hoek, nog veel dubbelzinnigheid en mist. Hij waarschuwt voor normvervaging.

Het relletje rond de uitspraken van Yvette Lont over homoseksualiteit lijkt op het eerste gezicht weinig meer dan een, door de homolobby opgeblazen, binnenbrandje in de ChristenUnie. Maar bij nadere beschouwing is er toch wel meer aan de hand.
In de reactie van mevrouw Lont op de eveneens tot de CU-achterban behorende theoloog Hoek openbaart zich niet alleen een verschillende visie op (de wijze van uitleggen van) de Bijbel, maar in relatie daarmee ook op de werkelijkheid die voor ogen is. De vraag is of die verschillen van invloed zijn op de wijze waarop in naam van de ChristenUnie politiek bedreven wordt.

De situatie rond CU-raadslid Yvette Lont toont aan welke complexe problemen de regeringsdeelname van de ChristenUnie meebrengt.

Yvette Lont en Kees Neven hebben blijkens hun reacties in deze krant mijn opmerkingen over homoseksualiteit en zonde niet begrepen en mijn intenties niet verstaan. Daarom nog eens een poging puntsgewijs

In de krant van 23 augustus las ik met verbazing enige standpunten van dr. J. Hoek. Met name het standpunt dat 'overspel zondiger is dan homoseksualiteit', waarvoor hij bijbelse gronden meent te kunnen aanvoeren, kon ik niet voorbij laten gaan zonder hierop te reageren.

Ik zou het christelijke homo’s sterk afraden om mee te gaan varen in de Canal Parade. (ND 22 augustus, pagina 1)

‘De man die overspel pleegt en daarmee zijn vrouw bedriegt, doet een grotere zonde dan wie een homoseksuele relatie in liefde en trouw met een vriend samenwoont.’ (ND 23 augustus, pagina 2).

Dezer dagen opperde de Amsterdamse hoofdcommissaris Welten het idee lokhomo's in te zetten om het geweld tegen homo's te bestrijden. Strafrechtgeleerde Peter Tak adviseerde daarop lokmethoden breder in te zetten.

Het is typisch Nederlands om alle geweldsuitingen af te wijzen. Trouw citeerde deze week socioloog Bram de Swaan. De hoogleraar vroeg elk jaar de nieuwe lichting eerstejaars studenten of ze wel eens geslagen waren of zelf hadden geslagen. Verreweg de meesten gaven een ontkennend antwoord. De Swaan ziet dat als een uiting van een ,,beschavingsideaal dat verder in de wereld heel bijzonder is''.

Heel goed dat die Marokkaanse jongens in Amsterdam op homojacht gaan. Europa moet homovrij worden!’’ Met veel cynisme hekelt de in Parijs woonachtige homoseksuele schrijver Abdellah Taïa deze week in Vrij Nederland het gedrag van zijn landgenoten. Homoactivist Chafik Gadir is er nog duidelijker over. ,,Die kwajongens hebben een lesje nodig”, aldus de Amsterdamse Marokkaan gisteren in Trouw. Beiden reageren op het verhoogd aantal meldingen van geweld tegen homoseksuelen bij het speciale telefoonnummer van het homonetwerk ‘Roze in het blauw’ van de politie Amsterdam-Amstelland.

Volgens de advocaat van een van de verdachten in het Groningse hiv-schandaal, dat gisteren tot in verre buitenlanden de positie van ons land als mondiale kampioen decadentie heeft herbevestigd, zijn de betrokkenen 'normale mensen die midden in de maatschappij staan en op straat niet opvallen'. Dat is minder verbazingwekkend dan op het eerste gezicht lijkt.

Binnenkort bespreekt de Tweede Kamer een wetsvoorstel dat het voor homoparen mogelijk maakt buitenlandse kinderen te adopteren. Ter wille van het belang van het kind zou het kabinet, dat jeugd en gezin hoog in het vaandel voert, dit wetsvoorstel moeten intrekken.

Homoseksualiteit is niet schadelijk, maar wel een opgave. Zo reageert een lezer op de stellingname van trouwambtenaar Nynke Eringa dat zij ‘nooit een hard oordeel kon vellen over homoseksuelen’.

Een tentoonstelling in Noorwegen wil aantonen dat homoseksualiteit heel natuurlijk is. Maar de natuur kan niet dienen als voorbeeld voor menselijke seksualiteit.

De belangrijkste vraag met betrekking tot homoseksualiteit is niet of je van homo hetero kunt worden, maar hoe je leert een leven te leiden waarin Christus je geroepen heeft om 'anders' te zijn.

Het klopt dat ContrariO (werkgroep voor homo's en lesbiennes in de gereformeerde kerken) met een alternatief christelijk lespakket wil komen over homofilie, omdat er in de achterban beroering is ontstaan n.a.v. het lespakket van Different over homoseksualiteit (Nederlands Dagblad 30 mei, pagina 3: 'ContrariO wil eigen lesmethode maken'). Echter, we willen de visie van Different wel in haar waarde laten.

In onderstaande brief reageert een jonge lezer op de briefwisseling in deze krant tussen Reitze Siebesma en Mark Westergraaf over homoseksualiteit. Hij laat zien hoe moeilijk het is te aanvaarden dat je 'zo' bent' en er mee naar buiten te komen. Hij pleit vooral voor een open gesprek. 'Misschien ben ik wel úw zoon...'

In zijn commentaar op het terugnemen van zijn boekje Hij heeft een vriend van de christelijk-gereformeerde predikant Loonstra legt hoofdredacteur Bergwerff de vinger precies op de pijnlijke plek.

De christelijke gereformeerde predikant dr. B. Loonstra heeft een recent boekje, waarin hij homorelaties 'in liefde en trouw' verdedigde, 'teruggenomen'. Dat is een opmerkelijke stap, waarvan ons in de geschiedenis van deze kerken geen, en daarbuiten slechts enkele precedenten bekend zijn.

In een workshop op het ToerustinGcongres, over pastorale zorg voor homofiele gemeenteleden, toonde ds. K. van den Geest begrip voor homofiele samenlevingsvormen. Er volgden vele reacties, die nu door Van den Geest beantwoord worden. ,,Normen zijn geen liniaal, het zijn richtlijnen.''

De laatste jaren vormt de vraag naar een christelijke omgang met homoseksualiteit een terugkerend thema. En vrijwel alle kerken in Nederland die recht willen doen aan het bijbelse spreken over het huwelijk, kennen voorgangers die wijzen op de grote nood die zij hier signaleren.

,,Waar ik moeite mee heb is, dat ik nu hoor dat ook voorgangers in onze kerk vinden dat het hebben van een relatie wel kan.'' Zo sprak een lesbienne enkele jaren geleden tegen haar wijkpredikant.

Het doet mij elke keer weer pijn als er zo rechtlijnig geschreven wordt over de liefde van homo's voor elkaar. Het artikel van ds. Rob Visser in het Nederlands Dagblad van 15 september vind ik een voorbeeld van dat rechtlijnige schrijven.

Als het gaat om het samenleven van homo's moeten Gods liefde en Zijn geboden niet tegen elkaar worden uitgespeeld.

Laat de kerk echte vriendschappen met homofielen en andere alleenstaanden stimuleren. Op die manier zal er in de gemeente een concreet beeld groeien van de liefde van Christus, en wordt elk lid serieus genomen in de strijd tegen de zonde.

Natuurlijk mogen homo's een plek in de kerk hebben. Broeders en zusters met een homofiele geaardheid moeten juist goed opgevangen worden in de kerk.

Ds. Van den Geest ziet in de praktijk van het pastoraat aan homo's verschillende wegen. Een sympathieke houding. Maar heeft het ook niet iets van de zachte heelmeester in zich? Homo's willen graag net zo behandeld worden als hetero's, en terecht.

In de kerk een plek vinden voor homofiele broeders en zusters, dat wil ds. Klaas van den Geest. Een kerk moet duidelijke normen hebben, vindt hij, maar in het pastorale gesprek moet volgens hem gezocht worden naar hoe deze in iemands persoonlijke leven gestalte kunnen krijgen.

Met de regelmaat van de klok komt het thema van de homoseksualiteit binnen de christelijke samenleving ter sprake, zoals in het Nederlands Dagblad van 14 juli.

Wie heeft er nu een probleem? En waarmee dan? Deze vragen stel ik na het lezen van de reacties op het in het Nederlands Dagblad op 23 juni opgenomen artikel over het nieuwste boek van dr. B. Loonstra, Hij heeft een vriend. Homorelaties in de christelijke gemeente.

Volgens het artikel in het Nederlands Dagblad van 23 juni onder de kop 'Homorelatie blijft een noodoplossing', over het laatste boek van dr. B. Loonstra, christelijk-gereformeerd predikant te Emmeloord, is hij van mening dat twee christenen een homoseksuele relatie mogen hebben.

In mijn reactie op het artikel van Mark Westergraaf in het Nederlands Dagblad van 19 maart wil ik me beperken tot een kort commentaar op de zin: 'De Bijbel is geen Gouden Gids waarin je snel even kunt opzoeken wat je in een bepaalde situatie moet doen.

Ik ben het met Mark Westergraaf eens dat als je over seksualiteit discussieert, hetero's niet buiten schot kunnen blijven. Maar dat lijkt mij een andere discussie dan waar Mark het nu over heeft.

Discussie over homoseksualiteit is onontkoombaar in de kerk. Maar dan wel in een breder kader. Als het gaat over seksualiteit, over navolging van Christus, over Bijbel en ethiek, zijn dat zaken die ook hetero's raken. Dan kan niemand buiten schot blijven.

De vraag hoe we moeten omgaan met christenen die een homoseksuele relatie aangaan, lijkt een splijtzwam te gaan worden in de christelijke gemeenten.

Zekerheid en duidelijkheid hebben in de kring van de gereformeerde 'gezindte' en evangelische gemeenten de laatste jaren aan populariteit ingeboet. Een voorbeeld daarvan is de sluipenderwijs veranderde visie op homoseksuele relaties.

Met zijn bespreking van het boek van Robert Gagnon over homoseksualiteit en Bijbel (ND 16 en 17 september) levert A.L.Th. de Bruijne een bijdrage aan bezinning op dit punt. Ik juich dat zeer toe.

De toenemende onduidelijkheid in christelijke kring rond homoseksualiteit vraagt niet in de eerste plaats om stevige maatregelen richting van homo's, maar om verootmoediging en vernieuwing bij een dieper probleem in veel westerse kerken als geheel: Hoe zit het met de navolging van Christus in een postchristelijke samenleving?

De laatste tijd lijken gereformeerde en evangelische christenen minder zeker over homoseksualiteit. Niet zo lang geleden vonden zij vrijwel unaniem dat homoseksuele relaties niet kunnen. Maar nu geeft bijvoorbeeld de EO spreekruimte aan een royalere visie. In steeds meer gemeenten vind je samenwonende homo's. En kerkenraden worstelen met hun beleid daar tegenover.

Het hoofdredactioneel commentaar van afgelopen zaterdag onder de kop 'Scheiding' heeft mij goed gedaan. Ik vind het lastig om dat uit te leggen, want het gevaar is daarbij groot dat je een ongeestelijk gevoel oproept van: 'Ook ik sta aan de goede kant van de lijn, in tegenstelling tot die anderen.'

Aparte aandacht is hier op zijn plaats voor de EO en homoseksualiteit. De EO komt ook anno 2002 tot de slotsom, dat zij de Bijbel niet anders kan lezen dan dat seksuele relaties van mannen met mannen of van vrouwen met vrouwen niet Gods bedoeling en wil voor het mensenleven zijn.

Er zijn vandaag nogal wat christenen die vooral één ding zeker lijken te weten, namelijk dat ze het allemaal niet zo zeker meer weten.

In de jaren zeventig maakte de Evangelische Omroep programma's over homoseksualiteit die zulke commotie opriepen, dat er een 'zwijgcultuur' volgde tot op heden. Daarin wil de EO nu verandering brengen (ND 8 juni). Het standpunt blijft onveranderd: een seksuele relatie van twee homo's of lesbiennes is niet naar Gods wil.

In de krant van 13 februari stond een open brief aan een getrouwde ouderling met homoseksuele gevoelens. In onderstaand artikel reageert een lezer die in dezelfde situatie verkeert. Hij spreekt van een 'gigantisch pastoraal probleem' in de kerken en hij roept op tot een klimaat ,,waarin homo's zich veilig voelen en zich ook durven te laten zien''.

Dit artikel is een open brief aan een getrouwde ouderling met homoseksuele gevoelens. De brief is geschreven door een lezer die de dezelfde situatie van nabij heeft meegemaakt en ervan uitgaat dat er meer mensen met dit probleem worstelen.

Een landelijk ochtendblad schreef deze week dat binnen de Samen-op-Wegkerken de 'evangelische jacht op homo's is geopend'. Aanleiding is het verzet dat het evangelische smaldeel binnen die kerken heeft aangetekend tegen de zegening van homorelaties.