Uit mijn gereformeerde jeugd in de jaren vijftig herinner ik mij dat onze pubervragen met betrekking tot het Schriftgezag over hoogst praktische zaken gingen:
,,Met wie trouwden Kaïn en Abel, welke taal sprak de ezel van Bileam en kon hij de volgende dag nog praten, zat er een stenograaf bij het gesprek tussen Job en zijn vrienden. Het 'antwoord' was steevast hetzelfde: ,,Je moet maar gewoon geloven wat er staat, vragen leidt tot twijfel en twijfel tot ongeloof''. Velen ...