Binnenland
Verdeeldheid over het geheim van de Schepper
Dit artikel komt voor in dossier: Darwinjaar
Geplaatst: 23 maart 2009 08:30, laatste wijziging: 23 maart 2009 09:39
door onze redacteur Stephan Bol
ZWOLLE - Christelijke wetenschappers gingen zaterdag met elkaar in debat over de vraag wat de kerk aan moet met de evolutietheorie van Darwin. Volgens theoloog Gert Kwakkel moeten wetenschappers zich in ieder geval niet op grond van Genesis over de geldigheid van de evolutietheorie uitlaten.
1 reactie
,,Noch de aardlagen, noch Genesis stellen ons in staat om het geheim van de Schepper te ontfrutselen'', citeert theoloog Gert Kwakkel een van zijn voorgangers. Wie precies, dat weet hij typerend genoeg niet meer te herleiden. Kwakkel is de laatste spreker op de conferentie 'Darwin in de kerk?' die zaterdag in de Ichthuskerk in Zwolle werd gehouden. Degenen onder de zeker honderd aanwezigen die dachten dat Kwakkel op basis van zijn uitleg van Genesis 1 een standpunt zou innemen voor of tegen de evolutie, komen bedrogen uit. Maar de hoogleraar Oude Testament van de Theologische Universiteit Kampen biedt een uitkomst voor hen die zich geen raad weten om de door de wetenschap uitgebouwde evolutietheorie van Darwin te rijmen met Gods Woord.
Kwakkel stelt dat Genesis 1 vers 1 benadrukt dat God alles geschapen heeft. ,,Dat is ons uitgangspunt.'' Aan de woorden die Genesis gebruikt voor het 'uitspansel' als de hemel en de hemellichamen die pas na het licht werden geschapen, kunnen we volgens Kwakkel zien dat God zich in zijn scheppingsverhaal aanpast aan het toenmalige wereldbeeld van zijn volk. ,,Een kind kan het verhaal van Genesis volgen. Alleen stellen wij er wat vragen bij om het in ons huidige wereldbeeld, dat door de wetenschap is beïnvloed, in te passen. God heeft de schepping op een voor ons bevattelijke manier omschreven. Het is een onvoorstelbaar gebeuren geweest, dat wij nooit zelf kunnen bevatten. Dat blijft het geheim van de Schepper. Hij acht dit voldoende voor ons.''
Bijbel als bron
Met dit gegeven als uitgangspunt vindt Kwakkel het niet verantwoord de Bijbel als bron voor wetenschappelijke studies te gebruiken. ,,Daarvoor ontbreekt het aan precisie over bijvoorbeeld het samenleven van planten en dieren.'' Hij stelt dat de wetenschappelijk onderbouwde evolutiemodellen staan voor de wereldvisie die het merendeel van deze maatschappij heeft. ,,Dat model houdt geen rekening met God. Dat de wetenschap met hele knappe resultaten komt, is prima, maar die resultaten gelden alleen voor hun model. Of God het werkelijk zo gedaan heeft, weten we niet.''
Folder
God laat zich niet vinden in de wetenschap, stelt wetenschapsjournalist René Fransen. ,,Waarom zouden we het bewijs krijgen van wat we geloven? Dat is wat mij ook tegenstaat aan de folder Schepping en Evolutie. Als het zo was dat je met wetenschap het bestaan van God kon bewijzen, dan zou het een kwestie zijn van: 'Hier heb je een folder, ik zie je zondag in de kerk, we beginnen om tien uur'. Maar zo simpel is het niet. Wij zijn zelf een evangelisatiefolder, die door zijn houding moet laten zien dat God bestaat. Dat is veel moeilijker.''
Fransen komt als wetenschapsjournalist dagelijks nieuwe onderzoeken tegen die met nieuwe feiten komen die stroken met de evolutietheorie, vertelt hij. ,,Op grond van die feiten knelt de theorie dat de aarde in zes dagen is geschapen. Fransen noemt zich in de eerste plaats christen, maar vanuit de wetenschap gelooft hij in een door God geleide evolutie. Het DNA van mens en diersoorten komt zo goed overeen, dat dit een 'verwantschap tussen soorten' suggereert, vindt Fransen. En gevonden fossielen ondersteunen een ontwikkeling van soorten.
Adam
Volgens bioloog Tom Zoutewelle is de bewering dat Adam van de apen afstamt een 'pertinente leugen'. ,,Creationisten gaan uit van gemeenschappelijke voorouders, maar niet iedereen is van eenzelfde voorouder afkomstig. Wij geloven niet dat alle soorten zijn te vatten in een evolutieboom met vertakkingen, maar in een hele boomgaard.'' Als Zoutewelle naar de Bijbel kijkt, dan ziet hij geen enkel aanknopingspunt om het theïstisch evolutionisme aan op te hangen.
Zoutewelle vindt het daarom moeilijk van de gedachte van Adam als de allereerste mens af te stappen. Fransen verklaart dit uit de Bijbelse lijn, waarin God vaker mensen uitkiest. ,,Misschien heeft God Adam wel gekozen en in de tuin geplaatst.''
Uitroeiing
Het zijn juist deze aannames die Kwakkel doen aarzelen om uitgewerkte theoriën, hetzij creationisme of evolutionisme, te koppelen aan de Bijbel.
Omdat Fransen hierin verdergaat, is de meest prangende vraag uit het publiek voor hem. ,,Als God achter de evolutie zit, maar we ook zeggen dat Hij goed is, hoe kan het dan dat 95 procent van de soorten is uitgestorven?'' Fransen antwoordt dat wij door de zondeval inzicht in goed en kwaad gekregen hebben. ,,Maar dat er daarvoor miljoenen dieren stierven, wil niet zeggen dat er al kwaad in de wereld was.''
De uit de Verenigde Staten overgekomen creationist Terry Mortenson grijpt de vraag aan als argument om voor het creationisme te zijn: ,,Als we een evolutie van miljoenen jaren aanvaarden, dan aanvaarden we miljoenen jaren van uitroeiing. Dat zou betekenen dat het na de zondeval alleen maar beter is.''
------------------------------------------------------------------
‘Theïstisch evolutionisme: vlag op een modderschuit’
Stelligheid en oppervlakkigheid zijn troef in het evolutiedebat. Dat betoogde prof. dr. ir. Egbert Schuurman zaterdag in een lezing voor leden van de christelijke studentenvereniging CSFR uit Nijmegen, Eindhoven en Tilburg. Belangrijke vooronderstellingen van de wetenschap worden buiten beschouwing gelaten in het debat, zei Schuurman, voormalig hoogleraar reformatorische wijsbegeerte en senator voor de ChristenUnie.
De wetenschap gaat uit van het positivisme (iets is alleen waar als we het kunnen controleren) en pragmatisme (wetenschappelijke resultaten worden in een overzichtelijk systeem gebracht). Schuurman noemt dit twee ,,oppervlakkige wijsgerige visies’’ die bovendien materialistisch zijn. Christenen willen deze visie nogal eens christianiseren en dat geeft volgens hem grote spanningen. ,,De stelligheid en oppervlakkigheid blijven aanwezig. Men switcht bovendien gemakkelijk van de ene naar de andere visie. Zo kun je toch onmogelijk spreken van een theïstisch materialisme? Theïstisch evolutionisme is als een vlag op een modderschuit..’’
Een authentieke christelijke benadering is nodig en die is te vinden in de reformatorische wijsbegeerte, stelde Schuurman. ,,Die wijsgerige visie doet niet tekort aan de wetenschap, maar zal haar nooit het laatste woord geven. Wetenschap is en blijft altijd voor correctie vatbaar. Vanuit het christelijk geloof kun je omdat de wetenschap betrekkelijk is en altijd open staat voor herziening, ontspannen wetenschap beoefenen.’’
Zie ook www.nd.nl/darwin
Reageren
Indien u geregistreerd bent, kunt u hieronder reageren op het artikel. Hiertoe dient u in te loggen. Dit inloggen is mogelijk na een eenmalige registratie.
Reacties (1)
Jeroen Lansink (26 maart 2009 16:19)
Als het waar zou zijn dat de dood het gevolg is van de zondeval, dan kun
je inderdaad stellen dat de zondeval een zegen is geweest voor de aarde
en de mensheid.
Onsterfelijkheid is op termijn niet te combineren met voortplanting.
Men schat het aantal mensen wat tot nu toe heeft geleefd al op meer dan
12 miljard. Zonder miskramen en kindersterfte zou dat aantal nog vele
malen groter zijn.
Maar wij zijn de enigen niet. Al die dinosauriërs, mammoeten,
sabeltandtijgers, ratten, insecten, micro-organismen en al die andere
miljoenen verschillende soorten zouden ook allemaal nog hebben geleefd.
Hoe had je de carnivoren en aaseters onder hen moeten voeden? Hoe had je
überhaupt al die levende wezens van voedsel moeten voorzien? Wat
zouden we moeten doen met het afval en de uitwerpselen? Wat zou dit voor
consequenties hebben gehad voor het klimaat en het broeikaseffect?
De koolstofkringloop en de voedselketen zijn essentieel voor het
voortbestaan van het leven. De mens is daar ook gewoon onderdeel van.
Wij eten niet alleen maar we worden ook gegeten en niet alleen
(incidenteel) door roofdieren. Na de dood zijn wij voedsel voor wormen,
insecten en micro-organismen of, na een crematie, voedsel voor bomen en
planten in de vorm van (met name) kooldioxide.
Of de zondeval hier een rol in heeft gespeeld kan ik niet zeggen maar
als je de consequenties op de langere termijn doordenkt, is er volgens
mij maar één conclusie mogelijk: Leven en dood zijn
onlosmakelijk met elkaar verbonden.





RSS