Hans Ester geeft de raad maar eens flink te lachen om de malle fratsen van pornografie (Nederlands Dagblad, 28 april).
Hoewel zijn analyse van de werking van porno een zeer lezenswaardige is, vind ik deze conclusie afbreuk doen aan wat hij eerder zegt: Wie vatbaar is voor het appel van erotische aard (en welk mens zou dat niet zijn?), moet beginnen bij de aard van zijn of haar verlangens. Ik vind het niet gepast eerst een waarheid te poneren ...