
In het Bijbelboek Numeri wordt het volk Israël, dat vanuit Egypte op weg is naar het beloofde land, twee keer geteld. De eerste telling in de woestijn vindt plaats aan het begin. Daarna volgt een geschiedenis van afval, zonde en oordeel. De generatie die als volwassene wegtrok uit Egypte, sterft. Toch blijkt bij de tweede telling, vlak voor het betreden van het beloofde land, het volk net zo talrijk en compleet als eerst. Door Gods goedheid is alles goed gekomen.