Commentaar
Rondreis door het vaderland
Geplaatst: 17 november 2006 21:06, laatste wijziging: 17 november 2006 21:06
Geen spoor van belangstelling voor de Heer of Zijn Geest of bereidheid tot luisteren. Alleen de eis tot plaatsnemen in de beklaagdenbank – minder om uit te leggen dan om boosheid aan te horen. Binnen de katholieke bedding van het ene christendom gaan onwetendheid en ontevredenheid in zulke omstandigheden hand in hand. Niet gehinderd door kennis wordt de mening gegeven en het gelijk geëist. Welke zin heeft zo’n kwaadheidsverzameling? Uiten is hier beter dan zwijgen, zoals loutere onverschilligheid slechter zou zijn dan boze betrokkenheid. Desondanks laat aangekleefde agressie zich niet uit de kleren kloppen. En halverwege de tournee moeten we nog even voort om Rotterdam en Den Haag, Veenendaal en Noordwijkerhout aan te doen. Het volk Gods blijft onderweg – meer tot bevrediging van het volk, zo lijkt het soms, dan om vrede met God. Het ik-tijdperk is niet voorbij, al kondigt een andere periode zich aan. Of stuurt hier alleen de wens de denkrichting?
Zingeving
Er zijn tevens bijeenkomsten in Middelburg, Terneuzen en Groningen. Niet over doordrijvende onderwerpen, maar over de plaats van godsdienst en kerk in de openbaarheid, over de zin van leven op de wereld en over de grenzen aan maakbaarheid van de maatschappij. Ook daar blijkt weliswaar her en der onwetendheid, waarin voorlichting en toelichting van dienst kan zijn, maar welwillendheid vervangt grimmigheid en maakt plaats voor bereidheid tot vrij overwegen en terughoudendheid in snerpende kritiek. Is Nederland in omslag aan het geraken? Keert de wal van de duurzame zin het schip van de wekelijkse waan? Wordt voorbij oppervlakte gegaan om te bevroeden of daaronder ook leven schuilt – eeuwig leven zelfs?
Terwijl ik dit schrijf, vordert reeds de nacht, hoewel morgen in vroege ochtend een te geven hoorcollege roept en de avond tot laat wordt gevuld met gedachtewisseling omtrent Rome en Reformatie. Ik keer zo juist terug van ‘lezen’ hier in Amsterdam voor Vrijmetselaren. Welwillendheid heb ik gevraagd om naar mijn bovenhuis te mogen terugkeren. Zonder enige uren slaap zou ik in vermoeidheid later niet enigszins helder kunnen spreken. De metselaarsvergadering evenwel vanavond bevestigt andere, elders in het land. Het is op onderscheiden wijze dezelfde vraag naar zingeving die verbinding geeft en aan religie raakt.
Verbinding
Verbindt niet reeds solidariteit die voorbij gaat aan bank en buik en bed en boedel en bier, zoals in vriendschappen en verenigingen, bij artsen die geen grenzen kennen en bij natuurbeschermers die wereldwijd begenadiging nastreven? En wat te denken van beoefening van deugdzaamheid – matigheid en moed, voorzichtigheid en gerechtigheid? Bindt dat niet al, zo een metselaar vanavond. Ja, de vier kardinale deugden verplichten reeds, al zoeken christenen bekroning daarvan in drie theologale – geloof en hoop en liefde. En deze laatste heet de meeste. Toch is samenzijn, enige uren geleden met loge-genoten, onderlinge broeders, in diepte niet anders dan met geloofsgenoten, onderlinge zusters en broeders in ons weldadig en troostrijke christendom.
Moet ik mij niet schamen zulks te schrijven? Sommige christenen menen van wel, ik meen van niet. Des Heren barmhartigheid is nimmer exclusief, immer inclusief. Genade immers gunt geloof om de Schrift te leren kennen.
In eigen vaderland mogen verkondigen is uitverkorenheid in even grote bescheidenheid als in geschonken vrolijkheid. Zo is het mij steeds vergaan – om dit dagboek nader te ontvouwen.
Vlegel
Ik weet mij vlegel – die ik van nature ben geworden en zal blijven – en in vlegelheid schaam ik mij. De zaal van de hoogst protestante school in Middelburg betredend, kijk ik naar de leerkrachten die naar mij zullen luisteren en voel mij ongemakkelijk en bid tot de Heer om kracht en denk in enen aan hun kennis helemaal niets te kunnen bijdragen. Terneuzen blijkt hartelijke ontvangst. Ik lees uit eigen boeken en ben verlegen. Deze knecht treedt wel op, maar behoort hij niet veeleer achter de muren? Ik praat tot late uren en teken vele boeken. Ik schaam mij tevens. In Groningen geschiedt hetzelfde in veelvoud. ‘Hoe, Heer, houdt Gij deze knecht nederig? Of bereidt Gij mij reeds mijn terechtwijzing?’ Is dood mij niet meer passend dan leven? Tobberijen in late nacht.
Wij leven met Christus en trachten te leven in Christus. Zo bemoedigen we elkaar. De genade staat rijk als oogst op de velden van het leven. Meer dan ooit zijn wij allen als christenen geroepen fier en open, even bescheiden als gewoon, in deemoed en in voorzichtigheid, in vreugde en in vrijheid te getuigen van Hem Die ons heeft verlost en ons nabij blijft – maar Die Zich ook nu om ons bekommert en zo niet minder om naar heidendom teruggekeerde of terugkerende voorheen gelovigen in Christus, de ene en enige Heer.
Antoine Bodar is priester.
Reageren
Indien u geregistreerd bent, kunt u hieronder reageren op het artikel. Hiertoe dient u in te loggen. Dit inloggen is mogelijk na een eenmalige registratie.




RSS