Antoine Bodar lanceert Christelijke Encyclopedie
Geplaatst: 17 november 2005 07:22, laatste wijziging: 17 november 2005 07:22
door onze redacteur Reina Wiskerke
UTRECHT - De Christelijke Encyclopedie, een gereformeerd naslagwerk uit de vorige eeuw, heeft een andere inhoud gekregen. ,,Panelen zijn verschoven en de achterban is veranderd'', verklaarde de uitgever gisteren. Haar verschijning werd stemmig gevierd in de Utrechtse Domkerk.
Niet belerend, minder theologisch en meer historisch - zo typeerde directeur Bert Endedijk van uitgeverij Kok de nieuwe Christelijke Encyclopedie. In de Domkerk van Utrecht werd gisteren het driedelige werk gepresenteerd, na een feestrede van de rooms-katholieke priester Antoine Bodar. Hij stelde dat rooms-katholieken in Nederland veel aan orthodoxe protestanten te danken hebben, maar dat het tijd wordt dat protestanten van rooms-katholieken gaan leren.
Even later sprak Jan Greven, oud-hoofdredacteur van Trouw, zijn verbazing uit dat er nog een nieuwe editie van de Christelijke Encyclopedie verschijnt. Van hem had het niet gehoeven. Greven had verwacht dat de encyclopedie de teloorgang van de gereformeerde zuil niet zou overleven.
De encyclopedie is dan ook geheel herzien. De vorige editie, die verscheen vanaf 1956, was een zesdelig naslagwerk van en voor gereformeerden. De editie die nu verschijnt, is beknopter en zakelijker. Ze is bedoeld als encyclopedie over het christendom ,,als cultuur-historisch verschijnsel'' voor christenen en niet-christenen. Voor het rooms-katholicisme is minstens evenveel plaats ingeruimd als voor het protestantisme.
Antoine Bodar verhaalde in de Domkerk van een groep orthodox-protestantse leerlingen uit Rotterdam, die hem onlangs een bezoek bracht in Rome. De leerlingen stelden kritische vragen over paus, aflaten en vagevuur. In het gesprek viel Bodar naar eigen zeggen ,,vaderlandse botheid'' ten deel.
Toch zei hij 'ja', toen hun leraren na afloop vroegen of ze volgend jaar weer met een groep zouden mogen komen. Als motief gaven ze aan dat hun leerlingen ,,helemaal niets weten van de Katholieke Kerk''. Bodar bedacht later dat zij dan toch ,,alle hinderlijkheden - die veel van doen hebben met onwetendheid - moeten hebben van hun leraren of ouders of ten minste van hun kerkelijke milieu''. Bij hem kwam het ,,oude oordeel dan wel vooroordeel terug'', dat protestanten in Nederland alles beter denken te weten.
Volgens Bodar zijn - volgens hem laffe en veelal lauwe - katholieken in Nederland dank verschuldigd aan orthodoxe protestanten vanwege ,,hun ijver voor het ene geloof''. ,,Zonder met name Nederlands Dagblad, Reformatorisch Dagblad en Evangelische Omroep zou de transcendente God in dit land nagenoeg zijn vergeten. Dank zij protestantse fierheid kunnen hier te lande ook katholieken onverbloemd en niet slap gesausd christendom op publieke podia verkondigen.''
Bodar had daarvóór al opgemerkt dat orthodoxen de vrijzinnigen niet nodig hebben om het christendom in het publiek aan de man en de vrouw te brengen (wat de scriba van de Protestantse Kerk in Nederland onlangs stelde). ,,Vrijzinnigen hebben veeleer orthodoxen nodig om zich te blijven herinneren dat God niet alleen woont in de ogen van de medemensen maar vooraleer hoog in de hemelen en dat het christelijke geloof niet weldra wordt teruggebracht tot een prettige menselijke variant op het zelfmiddelpuntige en volledig heidense humanisme.''
Hoeveel katholieken volgens Bodar ook van protestanten hebben geleerd, ,,niet minder en wellicht zelfs meer zouden protestanten van katholieke rijkdom kunnen opsteken''. Hij doelde op de theologie van Rome in het heden, maar meer nog op die van de vroege kerk met de kerkvaders. Hiermee zou ook de eenheid gediend zijn die Jezus Christus voor ogen stond.
Wereldkerk
Bodar gaf fijntjes aan dat protestanten met al hun fierheid een wereldkerk missen. ,,De Katholieke Kerk in West-Europa wordt momenteel spoedig kleiner, maar ondanks eigen lokale slapheid kalft zij minder snel af dan die vele kerken van de broeders en zusters van de Reformatie. Waaraan zou dit kunnen liggen?'' Bodar wist het wel: zijn kerk omspant de wereld en als het in delen van die kerk wat minder gaat, kan men zich laven aan het 'paapse middelpunt', aan de delen van de kerk die op dat moment rijker zijn.
In de nieuwe Christelijke Encyclopedie zijn rooms en protestant samengebracht. Greven merkte op dat beide dezelfde trekken vertonen, al hadden ze dat eerst niet door, omdat ze niet over de muren van hun eigen zuil heen keken. Niet alleen gereformeerden hadden vorige eeuw de drang omhoog te komen door kennis te vergaren en beschaving te bevorderen. Dat gold evenzeer voor rooms-katholieken en socialisten.
De koppigheid om de ander te beschaven zag Greven opnieuw tot uitdrukking komen in de nieuwe Christelijke Encyclopedie. Dat er nog een werk op de markt komt waarin staat 'zo wordt er onder ons over dit of dat gedacht', duidde hij als optimistisch.
Optimistisch merkte Kok-directeur Endedijk op ,,dat de christelijke traditie onverminderd in de belangstelling staat''. De Christelijke Encyclopedie is niet meer zoals vroeger 'onmisbaar voor alle christelijke gezinnen', tekende hij er eerlijkheidshalve bij aan. Maar hij had wel de hoop dat ,,velen er weer naar zullen grijpen''.
Greven ontkende niet dat er veel belangstelling is voor levensbeschouwing. Ook ex-kerkleden tonen nog steeds interesse voor het denken dat ze hebben verlaten, wist hij.
Aan het naslagwerk schreven 250 auteurs mee. Om er een paar te noemen: C.S.L. Janse, J.P. de Vries, J.N. Bremmer, C. van de Kooi, C.J. den Heyer, P.H.R. van Houwelingen, K. Runia, A.J. Jelsma, J.Th. Witvliet. Ze waren allemaal uitgenodigd voor de ,,feestelijke bijeenkomst'' in de Domkerk, muzikaal omlijst door het Loeki Stardust Kwartet.
Het programma ging gewoon door, ook al komt de encyclopedie pas over een paar weken in de boekhandel te liggen, doordat de oplage beschadigd is. De stemmige bijeenkomst werd geleid door de hoofdredacteur van de encyclopedie, prof. dr. George Harinck, onder meer directeur van het Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands Protestantisme (1800- heden) in Amsterdam en van het Archief- en Documentatiecentrum van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) te Kampen.
Even later sprak Jan Greven, oud-hoofdredacteur van Trouw, zijn verbazing uit dat er nog een nieuwe editie van de Christelijke Encyclopedie verschijnt. Van hem had het niet gehoeven. Greven had verwacht dat de encyclopedie de teloorgang van de gereformeerde zuil niet zou overleven.
De encyclopedie is dan ook geheel herzien. De vorige editie, die verscheen vanaf 1956, was een zesdelig naslagwerk van en voor gereformeerden. De editie die nu verschijnt, is beknopter en zakelijker. Ze is bedoeld als encyclopedie over het christendom ,,als cultuur-historisch verschijnsel'' voor christenen en niet-christenen. Voor het rooms-katholicisme is minstens evenveel plaats ingeruimd als voor het protestantisme.
Antoine Bodar verhaalde in de Domkerk van een groep orthodox-protestantse leerlingen uit Rotterdam, die hem onlangs een bezoek bracht in Rome. De leerlingen stelden kritische vragen over paus, aflaten en vagevuur. In het gesprek viel Bodar naar eigen zeggen ,,vaderlandse botheid'' ten deel.
Toch zei hij 'ja', toen hun leraren na afloop vroegen of ze volgend jaar weer met een groep zouden mogen komen. Als motief gaven ze aan dat hun leerlingen ,,helemaal niets weten van de Katholieke Kerk''. Bodar bedacht later dat zij dan toch ,,alle hinderlijkheden - die veel van doen hebben met onwetendheid - moeten hebben van hun leraren of ouders of ten minste van hun kerkelijke milieu''. Bij hem kwam het ,,oude oordeel dan wel vooroordeel terug'', dat protestanten in Nederland alles beter denken te weten.
Volgens Bodar zijn - volgens hem laffe en veelal lauwe - katholieken in Nederland dank verschuldigd aan orthodoxe protestanten vanwege ,,hun ijver voor het ene geloof''. ,,Zonder met name Nederlands Dagblad, Reformatorisch Dagblad en Evangelische Omroep zou de transcendente God in dit land nagenoeg zijn vergeten. Dank zij protestantse fierheid kunnen hier te lande ook katholieken onverbloemd en niet slap gesausd christendom op publieke podia verkondigen.''
Bodar had daarvóór al opgemerkt dat orthodoxen de vrijzinnigen niet nodig hebben om het christendom in het publiek aan de man en de vrouw te brengen (wat de scriba van de Protestantse Kerk in Nederland onlangs stelde). ,,Vrijzinnigen hebben veeleer orthodoxen nodig om zich te blijven herinneren dat God niet alleen woont in de ogen van de medemensen maar vooraleer hoog in de hemelen en dat het christelijke geloof niet weldra wordt teruggebracht tot een prettige menselijke variant op het zelfmiddelpuntige en volledig heidense humanisme.''
Hoeveel katholieken volgens Bodar ook van protestanten hebben geleerd, ,,niet minder en wellicht zelfs meer zouden protestanten van katholieke rijkdom kunnen opsteken''. Hij doelde op de theologie van Rome in het heden, maar meer nog op die van de vroege kerk met de kerkvaders. Hiermee zou ook de eenheid gediend zijn die Jezus Christus voor ogen stond.
Wereldkerk
Bodar gaf fijntjes aan dat protestanten met al hun fierheid een wereldkerk missen. ,,De Katholieke Kerk in West-Europa wordt momenteel spoedig kleiner, maar ondanks eigen lokale slapheid kalft zij minder snel af dan die vele kerken van de broeders en zusters van de Reformatie. Waaraan zou dit kunnen liggen?'' Bodar wist het wel: zijn kerk omspant de wereld en als het in delen van die kerk wat minder gaat, kan men zich laven aan het 'paapse middelpunt', aan de delen van de kerk die op dat moment rijker zijn.
In de nieuwe Christelijke Encyclopedie zijn rooms en protestant samengebracht. Greven merkte op dat beide dezelfde trekken vertonen, al hadden ze dat eerst niet door, omdat ze niet over de muren van hun eigen zuil heen keken. Niet alleen gereformeerden hadden vorige eeuw de drang omhoog te komen door kennis te vergaren en beschaving te bevorderen. Dat gold evenzeer voor rooms-katholieken en socialisten.
De koppigheid om de ander te beschaven zag Greven opnieuw tot uitdrukking komen in de nieuwe Christelijke Encyclopedie. Dat er nog een werk op de markt komt waarin staat 'zo wordt er onder ons over dit of dat gedacht', duidde hij als optimistisch.
Optimistisch merkte Kok-directeur Endedijk op ,,dat de christelijke traditie onverminderd in de belangstelling staat''. De Christelijke Encyclopedie is niet meer zoals vroeger 'onmisbaar voor alle christelijke gezinnen', tekende hij er eerlijkheidshalve bij aan. Maar hij had wel de hoop dat ,,velen er weer naar zullen grijpen''.
Greven ontkende niet dat er veel belangstelling is voor levensbeschouwing. Ook ex-kerkleden tonen nog steeds interesse voor het denken dat ze hebben verlaten, wist hij.
Aan het naslagwerk schreven 250 auteurs mee. Om er een paar te noemen: C.S.L. Janse, J.P. de Vries, J.N. Bremmer, C. van de Kooi, C.J. den Heyer, P.H.R. van Houwelingen, K. Runia, A.J. Jelsma, J.Th. Witvliet. Ze waren allemaal uitgenodigd voor de ,,feestelijke bijeenkomst'' in de Domkerk, muzikaal omlijst door het Loeki Stardust Kwartet.
Het programma ging gewoon door, ook al komt de encyclopedie pas over een paar weken in de boekhandel te liggen, doordat de oplage beschadigd is. De stemmige bijeenkomst werd geleid door de hoofdredacteur van de encyclopedie, prof. dr. George Harinck, onder meer directeur van het Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands Protestantisme (1800- heden) in Amsterdam en van het Archief- en Documentatiecentrum van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) te Kampen.
Reageren
Indien u geregistreerd bent, kunt u hieronder reageren op het artikel. Hiertoe dient u in te loggen. Dit inloggen is mogelijk na een eenmalige registratie.



RSS