Sluiten

Als u doorsurft op deze website, gaat u akkoord met de plaatsing van cookies. Voor meer informatie, klik hier. [sluiten]

Nederlands Dagblad

Commentaar

'Zelfs vindt de mus ...'

Er zijn bepaalde psalmen die je verbeelding al van kindsbeen aanspreken. Voor mij was ongetwijfeld een van mijn vroegste favorieten Psalm 84, vers 2 (in de 'oude' berijming):

'Zelfs vindt de mus een huis, o Heer, / De zwaluw legt haar jongskens neer, / In 't kunstig nest bij uw altaren'.

Als ik dan zondags in de kerkbank zat (voor mij was dat de Plantagekerk in Zwolle) en omhoog keek, probeerde ik me voor te stellen hoe dat zou zijn: mussen en zwaluwen die al kwetterend af- en aanvlogen in de kerk naar hun nesten met 'jongskens'. Er was veel te zien in die Plantagekerk. Mooie koperen kroonluchters bijvoorbeeld, waarvan je kon tellen hoeveel armen er aan zaten. En vooral een indrukwekkend orgel met koning David die ernstig op zijn harp speelde, bovenop de kast met de langste pijpen. Links en rechts van hem, op de orgelkasten met iets kortere pijpen, stonden twee engelen die met bolle wangen op trompetten bliezen. Maar hoe ik ook naar de balken bovenin tuurde, er was geen vogeltje te zien.
Later dacht ik dat het dichterlijke verbeelding van de psalmist moet zijn geweest: zelfs vogeltjes vinden hun plekje in het huis van God, nota bene bij een van de altaren, terwijl hij ver verwijderd van Jeruzalem verlangt naar de dag dat hij de tempel kan bezoeken.
Sinds kort weet ik dat het geen verbeelding was die de dichter inspireerde. Onlangs waren mijn vrouw en ik een weekje op het Griekse eiland Rhodos. Een van de attracties daar zijn de vele Grieks-Orthodoxe kerken. Sommige daarvan gaan zelfs terug tot de Romeinse tijd.
Aangespoord door wat we in onze reisgids hadden gelezen, stapten we van onze fiets af bij de basiliek van Afandou. In de buitenmuur pronkten marmeren zuilen afkomstig uit de een of andere heidense tempel, maar al lang gelden ingelijfd als steunpilaren voor dit huis van God. Binnen in het lage kerkje was het schemerig en brandden kaarsjes en wierook. De koster scharrelde wat rond met een poetsdoek in zijn hand. Prachtige middeleeuwse muur- en plafondschilderingen beeldden de belangrijkste bijbelverhalen uit vanaf de Schepping tot aan de Jongste Dag. Je was wel gedwongen naar boven te kijken. En opeens, vlak voor de ikonenwand bij het altaar, zagen we een zwaluwnest op een plafondrichel! De ouders vlogen door een kleine opening in de muur af en aan om hun 'jongskens' te voeren.
Onwelkom? Helemaal niet. Op de vloer onder het nest lag een kleedje dat de poepjes opving. Waarom had men die opening niet dicht gemaakt of er gaas voor gezet? Zouden de koster of de priester aan Psalm 84 gedacht hebben en uit eerbied het nest hebben laten zitten? Of vond men dat de kerk niet van buiten afgesloten hoort te zijn? Ik weet het niet. Maar ik weet nu wel dat de psalmist toch gelijk had. Er was ruim plaats in Gods open huis in Jeruzalem, zelfs voor mussen en zwaluwen. Op Rhodos heb ik die waarheid aanschouwelijk ervaren.

  • 20-10-2003 - 10.29
  • 22-09-2011 - 13.32

waardeer:

  • Waardeer dit artikel met 1 ster
  • Waardeer dit artikel met 2 sterren
  • Waardeer dit artikel met 3 sterren
  • Waardeer dit artikel met 4 sterren
  • Waardeer dit artikel met 5 sterren


Indien u geregistreerd bent, kunt u hieronder reageren op het artikel. Hiertoe dient u in te loggen.

Reacties (0)